
Vrouwen die sporten
Zo met de Olympische Winterspelen in aantocht moet me toch wat van het hart. Over vrouwen die sporten. Ik vind, en je mag me op dit onderwerp citeren, dat vrouwen vooral aan sport moeten doen, maar dat ze dat lekker voor zichzelf moeten houden. Sporten gaat erover wie de beste is. En het feit is dat een vrouw meestal niet de beste is. Hoe ze ook haar best doet.
Ik kan me het moment nog goed voor de geest halen. Het is bijna twee jaar geleden. In Beijing waren de Olympische Zomerspelen bezig. Ik stapte een Chinees afhaalrestaurant binnen en zag vijf mannen met de bek open naar de TV kijken. Daar probeerde een kort, worsterig, plofferig in een badpak gepropt mensje met brede kaak- en schouderlijn een halter van de grond te tillen. Ogen die uitpuilden, oerkreten, benen als boomstammen, een explosie van oerkracht. Twee minuten later, ander mensje, zelfde ritueel. Het duurde tien minuten voordat ik door had dat er hier vrouwen aan het werk waren. Hoe ik daar achter kwam? Na de mensjes kwamen mannen die met speels gemak halters optilden die twee keer zo zwaar waren.
Wat ik maar wil zeggen: hoe groots en meeslepend vrouwen ook bereid zijn het uiterste van hun lichaam te vergen (en van het incasseringsvermogen van de mannen die er naar moeten kijken trouwens), winnen van een man zullen ze nooit.
Vrouwen, en nu ga ik even fijn chargeren, geven ook niet wezenlijk om sport. Grosso modo heb je in de wereld twee soorten mensen: sportfanaten en vrouwen. Dat geeft niet, dat is gewoon een gegeven. Een man verhoudt zich tot sport zoals een vrouw zich verhoudt tot schoenen. Zet een TV aan waarop een competitie gaande is, en elke man werpt zich er kwijlend voor. Of het nu gaat om Angola – Burkina Faso in de Afrika Cup, het kampioenschap sterkste man van Schouwen Duivenland op Omroep Zeeland, of de jaarlijkse wedstrijd hamburger eten, elke man is genetisch gedwongen om te blijven kijken. Om te zien dat het een man is die wint.
Er is maar één type sport waar vrouwen het van mannen winnen. De jurysport. Bij jurysporten gaat het erom wie iets het meest sierlijk doet. Synchroonzwemmen, turnen, kunstschaatsen. Ooit een man op de vloer zien turnen? En je vervolgens niet afgevraagd: WAAROM?! En dan dat kunstschaatsen. Mannen met mascara.
Verder sluit ik me graag aan bij de woorden van Marten Blankesteijn en Geert Jan Hahn, die er ooit een hilarisch artikel over schreven in dagblad De Pers: “Sorry, maar jurysporten zijn geen sporten. Als zelfs sporters en juryleden na afloop niet metéén kunnen zeggen wie de beste was, dan is er iets mis met de sport. Bij een echte sport weet het publiek meteen na de finish of na de laatste minuut wie er gewonnen heeft.”
Dus. Die Olympische Winterspelen. Al die vrouwen in die mooie strakke pakjes. Die van hellingen skiën, met sleetjes rijden en over schaatsbanen dweilen, ze doen hun best maar. Het is de b-competitie, en een echte man houdt zich niet bezig met b-competities. Er is in Vancouver maar één echte sport waarin mannen en vrouwen gelijk zijn.
Precies. Curling. I rest my case.
Ralph Ploeger
www.ralphp.nl
Lees meer van Ralph P.
Jurkjesvertier
Trendy billen
Vrouwen en voetbal
Tip voor alle vrouwen: ssst
Yolanthe de zendeling


