close-up van dame met blauwe ogen
Het oplichterssyndroom

Het oplichterssyndroom

Maureen Maureen dinsdag 17 mei 11:38 Carrière

Het schijnt dat bijna alle mensen er last van hebben op hun werk: het oplichterssyndroom. In de Amerikaanse psychologieliteratuur staat het zelfs officieel bekend als het ‘imposter syndrome’. Ik heb het ook. Na een studie en al bijna tien jaar werkervaring in de communicatie, vraag ik me ook wel eens af wanneer ik door de mand zal vallen. Ooit zal een opdrachtgever tegen mijn communicatieadvies zeggen: je gaat me toch niet vertellen dat ik je hier echt voor moet betalen?

Veel mensen die al langere tijd in hun werk zitten, zijn zich er niet meer van bewust dat ze eindeloos veel kennis en ervaring hebben. En ik ben er dus één van. Uit onderzoek blijkt dat deze negatieve manier van denken over jezelf twee keer zo vaak bij vrouwen voorkomt. Ook bij succesvolle vrouwen met een briljante carrière op een hoge positie, of in mijn geval met een eigen bedrijf. Na twee jaar interimmen bij dezelfde opdrachtgever zou ik misschien wel mogen denken dat ik ergens toch iets goeds heb gedaan. Misschien. Ergens.

Sommige onderzoekers zeggen dat het imposter syndrome net zo vaak bij mannen voorkomt, zij geven het alleen wat minder graag toe. ‘Als je laat merken dat je onzeker bent, kun je wel inpakken’, zei een afdelingshoofd een tijdje geleden. Vrouwen houden nog wel van wat bonding en durven hun onzekerheden eerder toe te geven aan elkaar. Niets verbindt vrouwen meer tijdens bijeenkomsten wanneer blijkt dat ze allemaal, zonder uitzondering, bang zijn om niet goed genoeg te zijn. Om door de mand te vallen. Een zucht van verlichting klinkt door de zaal en het ijs is meteen gebroken. Een tip voor angstige mannen?

Als je jezelf herkent in dit verhaal, dan maak je het jezelf dus lekker lastig. Het kost je extra werk, veel stress en vooral: tijd. Alles moet extra goed worden voorbereid, dertig keer herschreven en nagekeken. Als je na een weekend doorwerken met een knauw in je maag eindelijk dat rapport verzendt, en nog steeds twijfelt of het écht wel goed genoeg is, dan wordt het misschien tijd om eens met een coach te praten.

Ga ik nu weer verder met het herschrijven van dat communicatieplan.

Test jezelf:

Maak je je er stiekem bezorgd om dat anderen erachter zullen komen dat je niet zo slim en capabel bent als zij denken dat je bent?

Ga je geregeld uitdagingen uit de weg door zeurende zelftwijfel?

Doe je je eigen resultaten soms af met ‘puur toeval’, ‘het stelt niet veel voor’, of denk je dat je iets voor elkaar krijgt omdat mensen je aardig vinden?

Heb je een hekel aan fouten, aan minder dan honderd procent voorbereid te zijn en de dingen niet perfect te kunnen doen?

Voel je je gekrenkt door kritiek, ook al is hij constructief bedoeld, omdat je dat ziet als bewijs van jouw ongeschiktheid?

Denk je wel eens als iets je gelukt is: pfff, ik heb iedereen dit keer voor de gek kunnen houden, maar lukt me dat een volgende keer ook?

Denk je dat andere mensen (studenten, collega’s, tegenstanders) slimmer of meer capabel zijn dan jij bent?

Ben je voortdurend bang te worden betrapt of ontmaskerd?

Wie minstens drie van deze vragen met ja beantwoordt, lijdt hoogstwaar-schijnlijk aan het oplichterssyndroom.

Bron: Intermediair – Theo IJzermans

Lees meer van Maureen
Kruinchakra, of iets dergelijks
8 maart: Internationale Vrouwendag
Druk
Landkaart voor de liefde
Vrouwelijke rondingen (en meer)

fabulousfeedback

Simone dinsdag 17 mei 13:27

HOE herkenbaar! Ik heb sinds kort een managementfunctie en ik ben nog steeds verbaasd dat ze mij daarvoor hebben aangenomen. I.p.v. dat ik denk dat ik de beste kandidaat was, denk ik regelmatig dat de andere sollicitanten een betere job aangeboden gekregen. Maar dat vertel ik natuurlijk aan niemand...

feedbackform

Stuur door