youstyle-bg-template-9
Dit was niet zo’n dag

Dit was niet zo’n dag

Ralph P. Ralph P. vrijdag 27 januari 13:20 Persoonlijk

Het leuke kassameisje in de supermarkt vroeg me of ik het bonnetje wilde. Ik zei ‘ja’ en dat was vreemd, want ik heb nog nooit op een kassabon gekeken. Het leuke kassameisje lachte haar stralende lach en ik bedacht dat het misschien haar blije uitstraling was die me ‘ja’ deed zeggen. Ik had vaak genoeg gelezen dat vrouwen met een aantrekkelijk uiterlijk meer gedaan kregen dan vrouwen met een wat somberder voorkomen. Zou het kunnen dat ik onbewust de wens had om haar goedkeuring te krijgen, en dat ik dacht die te krijgen als ik van haar het bonnetje aan nam? Er zijn dagen dat toevallige ontmoetingen me niet tot dit soort vragen brengen. Dit was niet zo’n dag.

Ik zie in de supermarkt wel eens mensen zélf om het bonnetje vragen en wat ik weet is dit: als al die mensen samen een club zouden oprichten, dan zou dat geen club zijn waar ik me graag bij zou aansluiten. De mensen die bonnetjes vragen bij de kassa, zijn dezelfde mensen die in het verkeer hoofdschuddend voorrang nemen waar ze geen voorrang hebben, het zijn de mensen die net doen of ze niet door hebben dat die ene rij voor twee kassa’s bedoeld is, en bij voorbaat verongelijkt strijdlustig doorlopen naar de vrije kassa.

Ik ken ze goed, ik bestudeer ze graag, deze vrouwen van tegen de zestig. Ze hebben hun mondhoeken altijd zuinigjes naar beneden en de kin wat omhoog. Hun ogen schieten zenuwachtig door de ruimte, bang als ze zijn voor het onrecht dat overal om hen heen hangt, klaar om hen vol in het gezicht te treffen.

Ik denk dat ze daarom ook het bonnetje meenemen. Ze kijken het direct regel voor regel na en ze kijken misprijzend, vooral als het bonnetje wél klopt. Ik heb daar over nagedacht, en misschien doen ze dat, omdat ze iets weten wat niemand anders weet: dat het maar toeval was dat het klopte, dat het maar toeval was dat ze dit keer niet genaaid waren. Ik zou ze willen troosten, deze dames. Ik nam me voor dat eens te doen. ‘Het is goed, allemaal,’ zou ik zeggen. ‘Echt, het is goed.’

Het leuke kassameisje vroeg nog een keer of ik de kassabon wilde hebben. Ik pakte het bonnetje aan en lachte. En met al die zure zestigers in mijn achterhoofd verfrommelde ik het bonnetje. Ik deed het voor haar, voor het leuke kassameisje. Ik vertrouw je, zei mijn gebaar. Het leuke kassameisje keek van het verfrommelde bonnetje naar mij. Ze fronste haar wenkbrauwen en even betrok haar gezicht. Daarna draaide ze haar stoel en begroette ze de volgende klant, die alleen een pak melk kwam halen. Het was een wat oudere vrouw. Ze hoefde geen bonnetje.

Ralph Ploeger
www.ralphp.nl

Lees meer van Ralph P.
Verwachtingen
Uitgeklust
Ik schaats dus ik ben
Uggly Uggs
Het zit op de bank en eet chips

Tags: bonnetje man supermarkt vrouw zestiger      

feedbackform

Stuur door